Vereniging Botterbehoud

 

De Vereniging Botterbehoud is in 1968 door een kleine groep schippers opgericht om de teloorgang van de voormalige Zuiderzeevloot een halt toe roepen. De door hen opgerichte Vereniging Botterbehoud (VBB) stelde zich tot doel om de resterende schepen en technieken te behouden en om de schepen in originele staat terug te brengen.

De vereniging kent meer dan 130 leden met schepen bestaande uit botters, aken, jollen, kwakken, bollen, schouwen, etc. Alle schepen zijn in het verleden actief geweest in de Zuiderzee visserij en zijn gebouwd tussen 1870 en 1940.

Het VBB is een van de oudste behoudsverenigingen. Het 50-jarige bestaan van de vereniging is in 2018, met o.a. de grootste vlootschouw van voormalig visserijschepen sinds 1930, op een imposante wijze in het historische Zuiderzee museum te Enkhuizen gevierd.
De historie van de vereniging, maar met name van de vissende Zuiderzee vloot, is lang en vormt een weerspiegeling van de Zuiderzee en Nederlandse historie.

Een historie die zich in 3 delen kort laat beschrijven:

 

TOT 1932 – ZEILEN & VISSEN

 

Nederland is een waterland bestaand uit rivieren en liggend aan de Noord- en de Zuiderzee. De visserij heeft dan ook door de eeuwen heen een belangrijke rol gespeeld in onze samenleving. Aanvankelijk diende de visserij op de Zuider- en Noordzee om de omwonende bevolking te voeden en om er handel mee te drijven. Vanaf de 14e eeuw werd de vis gedroogd, gerookt of ingezouten om de houdbaarheid te vergroten. Met ijs als koeling werd het later mogelijk om het afzetgebied te vergroten en werd de visserij economisch belangrijk voor Nederland. Rond 1900 was de Zuiderzeevisserij op haar hoogtepunt. Er werd door visserijfamilies met zo’n 3.000 platbodems, veelal botters, actief gevist op haring, ansjovis, paling, bot en garnalen. Belangrijke havenplaatsen waren o.a. Volendam, Marken, Spakenburg, Urk en Amsterdam.

Na 1900 zakte de zeilvisserij echter enorm in door de opkomst van de geïndustrialiseerde visserij met stalen stoomloggers, de dreigende komst van de afsluitdijk en gedeeltelijke drooglegging van de Zuiderzee.
Met de aanname van de Zuiderzeewet in 1918 werd de dreiging waarheid: de Zuiderzee werd afgesloten en drooggelegd. Tijdens de Visserijtentoonstelling in 1930 in Enkhuizen werd tijdens een tentoonstelling en een vlootschouw door het Koninklijk Huis met een laatste groet op symbolische wijze afscheid genomen van de Zuiderzee vissers en hun vele honderden aanwezige visserijschepen.

 

1932 -1968 – VAN ZOUT NAAR ZOET

 

De afsluiting van de Zuiderzee had grote gevolgen voor zowel de visserij als de natuur. De voormalige zoute zee veranderde binnen twee jaar in een zoet meer. In een snel tempo verdween de haring, bot en ansjovis en raakten de duizenden vissers, vishandelaren, zeilmakers, scheepbouwers en andere ambachtslieden werkeloos.

In 1966 brachten de laatste twee visserijbotters hun vis aan land en daarmee verdween de zeilvisserij definitief. Honderden houten visserijschepen lagen werkloos in de nu voormalige Zuiderzeehavens. Weer en wind veranderde de schepen in wrakken die op het IJsselmeer werden afgezonken, in brand werden gestoken, in de kachel verdwenen of werden omgebouwd tot woon- of feestboot.

Slechts enkele schepen kwamen in handen van nieuwe schippers die met grote inzet en gevoel voor historie de schepen in min of meer de originele staat hielden om te varen op het steeds kleiner wordende IJsselmeer. Veel contact bestond er niet tussen de nieuwe schippers en de kennis van de schepen en de vis, zeil en onderhoudservaring verdween in rap tempo.

 

1968 – 2018 -HEDEN – BOTTERBEHOUD 50 JAAR

 

Na de oprichting van de vereniging werd er voor de instandhouding een materialen depot en een collectieve inkoop van specifieke materialen zoals harpuis, teer en touwwerk ingericht. Het verenigingsblad Tagrijn werd opgericht en vele nieuwe leden meldden zich aan. De eerst vlootbijeenkomsten en onderlinge wedstrijden werden georganiseerd en door de toenemende belangstelling voor de historische schepen groeide het aantal vrijwilligers en sponsors. Het onderhoud en restauratie van schepen kon, dankzij de sponsor opbrengsten en verhuur, bij de nog bestaande schepen ter hand worden genomen. De opgedane onderhoudskennis en ervaring wordt nu gedeeld, overgedragen en in stand gehouden door vele honderden vrijwilligers die de schepen onderhouden en er enthousiast mee varen. Met deze kennis en ervaring zijn inmiddels nieuwe, maar traditioneel gebouwde, schepen te water gelaten.

De vrijwilligers trainen frequent met de schepen en nemen jaarlijks duizenden sponsoren en gasten mee in rondvaarten en wedstrijden. Bijna alle voormalige Zuiderzee havens kennen inmiddels drukbezochte havendagen en zeilwedstrijden. De schepen worden als Varend erfgoed erkend en hun voorbestaan is mede dankzij de leden van de Vereniging veiliggesteld.

 

Meer over Varend Erfgoed

 

SAIL verbindt je met de wereld

Gebruik #SAIL2020 en deel waar jij nu bent!

Clipper Stad Amsterdam omringt door mensen met de Nederlandse vlag aan de achterkant

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

Stay updated

Naar boven